Ontslag op staande voet afgewezen door kantonrechter

Een werknemer wordt door een taxibedrijf op staande voet ontslagen. De werkgever stuur een ontslagbrief aan de werknemer en somt de vier ontslagredenen op. De werknemer vecht het ontslag op staande voet aan bij de kantonrechter met een advocaat.

De werknemer was in dienst als taxichauffeur sinds ongeveer een jaar. Voorafgaand aan het ontslag op staande voet had de werknemer een gesprek met de werkgever over haar ongewenste gedragingen. Dit gesprek vond plaats enkele maanden na indiensttreding. Een half jaar na de indiensttreding meldt de werknemer zich ziek. De bedrijfsarts schrijft dat de werknemer arbeidsongeschikt raakte vanwege overbelasting. Zij kan niet werken in eigen of aangepast werk. Weer twee weken later ontslaat de werkgever de werknemer op staande voet. Voor het ontslag op staande voet voert de werkgever als redenen aan dat de werknemer tijdens ziekte niet bereikbaar was, zich (daarom) niet hield aan het ziekteverzuimreglement en aan redelijke voorschriften om te kunnen vaststellen of er recht op loon bestaat. Ook bleek dat de werknemer elders werkzaam was toen zij ziek thuis zat, waarmee zij in strijd handelde met bepalingen in de arbeidsovereenkomst en toepasselijke cao.

Dringende redenen ontslag op staande voet

De werknemer accepteert het ontslag op staande voet niet en legt het geschil met haar advocaat voor aan de kantonrechter ter beoordeling.
De kantonrechter haalt aan de ontslag op staande voet alleen mogelijk is als er sprake is van een dringende reden. Dit is bepaald in artikel 7:677 Burgerlijk Wetboek. De dringende redenen die aan het ontslag op staande voet worden ten grondslag gelegd door de werkgever moeten worden aangetoond, pas dan is het ontslag op staande voet rechtsgeldig. Aanvullend heeft te gelden dat:
-de feiten die komen vast te staan ieder op zichzelf al een dringende reden vormen voor ontslag op staande voet.
– de werkgever moet aantonen dat hij ontslag op staande voet zou hebben gegeven voor deze feiten die zijn komen vast te staan.
-Waarbij dit ook kenbaar moet zijn geweest voor werknemer dat de vast staande feiten een reden zouden zijn voor ontslag op staande voet.

De werkgever voert aan als dringende reden voor ontslag op staande voet dat de werknemer meerdere keren haar telefoon niet opnam op maandagochtend. Wel zou de werknemer hebben gereageerd per WhatsApp, en was dus bereikbaar. De kantonrechter oordeelt dat het feit dat de werknemer niet telefonisch bereikbaar was tijdens ziekte geen dringende reden vorm voor ontslag op staande voet.

Het niet naleven van het verzuimreglement en controle voorschriften vormen geen dringende reden voor ontslag op staande voet. De werkgever erkende bovendien ter zitting dat het bedrijf geen ziekteverzuimreglement of controlevoorschriften heeft.

Ook het argument dat de werknemer bepalingen in de arbeidsovereenkomst en cao heeft geschonden door elders werkzaam te zijn, wordt verworpen door de kantonrechter. De werknemer kan door geluidopname aantonen dat zij heeft aangegeven dat zijn medewerkster is in een sportschool. Zij werkt daar op maandagochtend en vrijdagochtend. Bovendien staat in de arbeidsovereenkomst slechts de beperking dat werknemer niet voor andere werkgevers in de vervoersbranche mag werken. Hiervan is geen sprake.

Ten slotte voert de werkgever op de zitting aan dat hij vindt dat de werknemer liegt. Hij voert onder meer aan dat de werknemer zich ziek meldde maar ondertussen elders aan het werk was. Dit is ook belemmerend voor haar herstel. De kantonrechter volgt dit verweer van de werkgever. Echter kan het niet toewijzen omdat over het liegen over ziekte niets staat vermeld in de ontslagbrief. Deze reden kan niet ter zitting worden toegevoegd en dus niet in de beoordeling van het ontslag op staande voet worden meegenomen.

Wel is het zo dat voor belemmering van herstel (door elders te werken) de werkgever andere sancties kan geven. Als de bedrijfsarts had geweten dat werknemer elders werkzaam was ten tijde van de ziekmelding, had de bedrijfsarts mogelijk andere kansen gezien om werknemer weer aan het werk te krijgen. De werknemer schond haar verplichtingen bij ziekte en re-integratie. Volgens de Hoge Raad is dit geen reden voor ontslag op staande voet (8 oktober 2004 (Vixia/Gerrits) omdat de werkgever de mogelijkheid heeft om loondoorbetaling te stoppen.

Ontslag op staande voet afgewezen

De kantonrechter is het met werkgever eens dat de werknemer onjuist voorlichtte over haar andere werkzaamheden en de re-integratie belemmerde. Omdat echter de ontslagbrief hier niet voldoende duidelijk melding van maakt en niet genoemd staat dat iedere reden afzonderlijk een voldoende dringende reden is voor ontslag op staande voet, kon werknemer dit niet weten en is niet voldaan aan de wettelijk vereisten voor ontslag op staande voet. Dit is wel een voorwaarde voor een rechtsgeldig ontslag op staande voet. Daarom wordt het ontslag op staande voet afgewezen.

Advies arbeidsrecht advocaat bij ontslag op staande voet

Het geven van ontslag op staande voet moet voldoen aan de wettelijke vereisten. Deze wettelijk vereisten moeten genoemd worden in de ontslagbrief. In het onderhavige geval heeft de kantonrechter het gegeven ontslag op staande voet afgewezen omdat de ontslagbrief niet voldoende compleet lijkt te zijn geweest. De ontslagbrief moet juridisch nauwkeurig worden geformuleerd. Schakel daarom altijd een arbeidsrecht advocaat in. Wilt u advies van een arbeidsrecht advocaat in Arnhem bel (026) 442 39 13 of een arbeidsrecht advocaat in Nijmegen bel (024) 388 66 80. Wij helpen u graag!

Vraag een arbeidsrecht advocaat Nijmegen of Arnhem

Uw naam
Uw telefoonnummer
Uw e-mailadres
Volledige uitspraak kantonrechter van artikel Ontslag op staande voet afgewezen