Juridisch conflict over een overeenkomst of contract?

Juridisch conflict over een overeenkomst of contract? Hoe zit dit in elkaar?

Zonder dat je het vaak in de gaten hebt, sluit je nogal eens een overeenkomst of contract. Een simpele afspraak met je kapper is al een overeenkomst. De kapper knipt je haren en jij betaalt hem daarvoor. Dergelijke overeenkomsten geven vaak weinig problemen omdat ze relatief eenvoudig zijn.

 

Overeenkomst of contract

Verplichtingen waar meer bij komt kijken roept nog wel eens onduidelijkheden op. Wat is er precies afgesproken of wat wordt er bedoeld met die bepaling? Oftewel, hoe moet de overeenkomst of het contract worden uitgelegd?

Men vraagt zich nog wel eens af wat nou het verschil is tussen een overeenkomst en een contract. Het antwoord is eigenlijk heel simpel: er is geen verschil. Het zijn namelijk synoniemen van elkaar. Juristen gebruiken doorgaans het woord ‘overeenkomst’ omdat de wet alleen dit woord kent en niet het begrip ‘contract’. Het woord ‘contract’ wordt vaak in zakelijke relaties gebruikt waarbij de afspraken dikwijls op papier zijn gezet.

Een contract/overeenkomst ontstaat doordat de ene partij het aanbod van een andere partij aanvaardt. Aanbiedingen zijn er in verschillende soorten en maten waardoor het niet altijd even duidelijk is of er sprake is van een aanbod. De supermarkt biedt producten aan en jij aanvaardt dat aanbod door er voor te betalen.
Ieder aanbod en iedere aanvaarding bestaan uit elk uit een wil en verklaring. Er moet namelijk een wil bestaan om iets aan te bieden of te aanvaarden en er moet sprake zijn van een uiting van die wil door middel van een verklaring. Maar let op, een verklaring kan ook stilzwijgend zijn. Daarom wordt ook wel eens gezegd: ‘zwijgen is toestemmen’. Dit hangt overigens sterk af van de omstandigheden van het geval.

Aanbod en aanvaarding overeenkomst

Een aanbod of aanvaarding wordt gezien als een rechtshandeling oftewel een handeling dat beoogt een rechtsgevolg in het leven te roepen.
Iedere handelingsbekwame (rechts)persoon is bevoegd een rechtshandeling te verrichten en kan dus een overeenkomst sluiten. Volgens de wet is dat iedereen die meerderjarig is en niet onder curatele of bewind staat (artikel 3:32 jo 1:234/1:381 BW).

 

Natuurlijke verbintenis

In principe is elke verbintenis en overeenkomst afdwingbaar bij de rechter. Dat betekent dat je bij de rechter kunt vorderen dat de tegenpartij aan zijn verplichting voldoet, desnoods met de nodige maatregelen.
Dit geldt niet voor een natuurlijk verbintenis. Deze kan voortvloeien uit de wet of een rechtshandeling, bijvoorbeeld dat er is afgesproken dat de gang naar de rechter niet openstaat (gentleman’s agreement).
Daarnaast kan een natuurlijke verbintenis ontstaan op grond van een dringende morele verplichting. Omdat ‘dringend’ een subjectief begrip is, wordt deze ingevuld naar de maatschappelijke opvattingen. Als voorbeeld wordt vaak de financiële steun van de kinderen aan de bejaarde ouders genoemd.

De niet-afdwingbare verbintenis kan worden omgezet in een afdwingbare verbintenis door een overeenkomst te sluiten. Zo maak je het toch weer mogelijk om naar de rechter te gaan.

Mondeling of schriftelijk overeenkomst

Veel mensen denken ten onrechte dat een contract of overeenkomst eerst op papier moet staan voordat het rechtsgeldig is. Verreweg de meeste overeenkomsten worden mondeling gesloten, alleen heeft men dat niet zo snel in de gaten.
Het voorbeeld van de kapper zal dikwijls telefonisch plaatsvinden of je kunt gewoon binnenlopen om te kijken of de salon tijd heeft. Dit verandert niets aan de overeenkomst want er blijven verplichtingen over en weer.

Meer ingewikkeldere overeenkomsten worden vaak op papier gezet. Dit heeft als doel de afspraken helder voor ogen te hebben zodat er op terug gevallen kan worden. Daarnaast heeft de schriftelijke vorm een bewijstechnisch voordeel. Je kunt makkelijker aantonen dat er iets is afgesproken en welke verplichtingen er bestaan.
Sommige overeenkomsten, zoals de koop van een woning of het regelmatig leveren van diensten, moeten schriftelijk worden vastgelegd. Wanneer niet aan het schriftelijkheidsvereiste is voldaan, kan er geen sprake zijn van een overeenkomst. Bij verreweg de meeste overeenkomsten geldt dit vereiste niet.
Een arbeidsovereenkomst hoeft bijvoorbeeld niet schriftelijk vastgelegd te worden. Je kunt dus ergens werknemer zijn zonder dat dit op papier is vastgelegd.

Het sluiten van een overeenkomst is dus in de meeste gevallen vormvrij. Je mag kiezen uit een mondelinge of schriftelijke overeenstemming. Ook de schriftelijke overeenkomst is vormvrij. Een servetje waar de afspraken op geschreven zijn kan al worden aangemerkt als een schriftelijke overeenkomst.

Uitleg van de overeenkomst/het contract

Op 13 maart 1981 heeft de Hoge Raad in haar arrest een maatstaf bedacht die we vandaag de dag nog steeds gebruiken, de zogeheten Haviltex-formule of -maatstaf Haviltex (HR 13 maart 1981, ECLI:NL:HR:1981:AG4158). In deze formule wordt duidelijk gemaakt hoe een bepaling in een overeenkomst uitgelegd dient te worden.

Bij een (schriftelijke) overeenkomst is het namelijk niet voldoende om enkel naar de taalkundige definitie van de tekst te kijken. Er moet ook gekeken worden naar de betekenis die partijen aan de tekst gaven en wat ze van de wederpartij mochten verwachten. Bij deze interpretatie wordt er rekening gehouden met alle omstandigheden van het geval. De Haviltex-formule wordt ook wel gezien als een subjectieve benadering van de overeenkomst.

 

In tegenstelling tot de Haviltex-maatstaf worden bij het zogenaamde CAO-norm arrest (HR 24 september 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC1072)  enkel objectieve maatstaven aangelegd voor de beoordeling. Dit betekent echter niet dat er puur naar de taalkundige betekenis moet worden gekeken. Ook hier moet worden gekeken naar de gehele overeenkomst en zijn alle omstandigheden van het geval van belang. Alleen deze omstandigheden moeten worden ingevuld naar objectieve maatstaven en bij de subjectieve benadering op basis van subjectieve maatstaven.

De CAO-norm wordt voornamelijk gebruikt bij schriftelijke overeenkomsten die ook tot derden zijn gericht. Deze overeenkomsten dienen daarom voor iedereen hetzelfde te worden uitgelegd omdat er (bijna) altijd sprake is van uniforme overeenkomsten, zoals een cao.

Arbeidsovereenkomst of ZZP-er bij Deliveroo

De onenigheid hoeft niet altijd te gaan over de inhoud van de overeenkomst of contract. In de praktijk komt het ook nog wel eens voor dat het onduidelijk is van welke soort overeenkomst of contract sprake is. Dat was het geval bij de bezorgers van Deliveroo. Een fietskoerier accepteerde na het einde van zijn tijdelijke arbeidsovereenkomst een nieuwe overeenkomst met de maaltijdbezorger. Hij wilde dat de rechter zou oordelen dat de nieuwe overeenkomst hem terugbracht in loondienst.

Voorheen werd hij aangemerkt als werknemer met een arbeidscontract voor bepaalde tijd. Als werknemer geniet je een aantal wettelijke rechten, zoals de ontslagbescherming.
Van een arbeidsovereenkomst kan worden gesproken als de desbetreffende persoon tegen loon voor een bepaalde tijd in dienst werkt van de werkgever arbeid te verrichten (artikel 7:610 BW). Niet zo gek dat de koerier er dus van uit ging dat hij een werknemer was.
Toch oordeelde de rechtbank in Amsterdam dat hier geen sprake van was. Volgens de rechter stond het partijen duidelijk voor ogen dat het niet zou gaan om een arbeidsovereenkomst. Dat leidde de rechtbank af uit diverse correspondentie tussen de fietskoerier en Deliveroo.
Daarnaast hebben de partijen op een dusdanige wijze inhoud aan de overeenkomst gegeven dat er geen sprake kon zijn van een werkgever-werknemer relatie.
De koerier stond bij de KvK ingeschreven als eenmanszaak en had de mogelijkheid om zelf invulling te geven aan zijn bezorgmomenten. Ook werd de bezorger per bezorging betaald en niet tegen een uurtarief of vast loon. Bovendien werkte de fietser niet genoeg uren waardoor het wettelijke vermoeden van artikel 7:610a BW van toepassing zou zijn. Indien een persoon minimaal twintig uur in drie achtereenvolgende maanden tegen beloning arbeid verricht, wordt er vermoed sprake te zijn van een arbeidsovereenkomst. Dit was echter niet het geval omdat de bezorger niet aan de twintig uur gemiddeld kwam.

Helaas laat de rechtbank zich niet uit of de kwalificatie van de nieuwe overeenkomst. Het is dus niet geheel duidelijk om welk soort overeenkomst het gaat (Rechtbank Amsterdam 23 juli 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:5183)

Advies bij overeenkomst of contract van een advocaat

Wilt advies bij een overeenkomst of contract. Of wilt u een overeenkomst sluiten, controleren of laten opstellen. Heeft u een juridisch geschil over de uitleg van een overeenkomst of contract. Win advies in van een advocaat. Onze advocaten helpen u graag bij het beoordelen of opstellen van een overeenkomst. Bel vrijblijvend ons landelijk nummer 0800-4455000 of vraag een advocaat via onderstaand formulier.

Vraag een advocaat

Stel hieronder uw vraag
Achternaam
Telefoonnummer
E-mailadres